15-10-2026 20:00 Assen - Organisator: VLG

MINI-SYMPOSIUM 

Herinrichting Oost-Groningen en Gronings-Drentse veenkoloniën

De Vereniging voor Landbouw Geschiedenis (VLG) organiseert op 15 oktober in Assen een mini-symposium met een historische terugblik op ontwikkeling en uitvoering van het grootste landinrichtingsproject van Nederland (1979-2017) en hoe dit heeft bijgedragen aan de agrarische en natuurontwikkeling in het huidige landschap van Westerwolde

Locatie: City Hotel De Jong, Brinkstraat 25, 9401 HZ Assen, zaal 10

Deelnamekosten: € 10,- 

Aanmelding: In verband met de zaalcapaciteit is aanmelding verplicht en wel tot uiterlijk 9 oktober via deze link (klik hier) onder gelijktijdige overmaking van €10,00 deelnamekosten op de rekening van de Vereniging voor Landbouwgeschiedenis: NL 43 INGB 0001 1786 69 o.v.v. ‘symposium VLG Assen’. 
Bevestiging van deelname volgt automatisch.

PROGRAMMA

20:00 Opening door Marijn Molema, voorzitter VLG

20:05 Hilbrand Sinnema, Herinrichting Oost-Groningen en Drentse Veenkoloniën en Westerwolde

Hilbrand Sinnema nam in 1981 het landbouwbedrijf van zijn ouders in Sellingen over en werd in 1984 bestuurlijk actief in de landbouworganisatie en in het Landbouwschap. Hij specialiseerde zich vervolgens op het gebied van ruimtelijke ordening, milieu en water met bijbehorende regelgeving. Vanaf 1986 tot 2011 heeft hij zitting gehad in de Herinrichtingscommissie en de Deelgebiedscommissie Westerwolde.

20:45 pauze

21:05 Henny Groenendijk, De Herinrichting als aanjager van archeologisch onderzoek

Henny Groenendijk kreeg in 1982 een aanstelling bij de Rijksuniversiteit Groningen om de Herinrichting Oost-Groningen archeologisch te begeleiden. Zijn proefschrift uit 1993 belichtte de landschapsontwikkeling en bewoningsgeschiedenis van twee aangrenzende en in menig opzicht tegengestelde regio’s, de Groninger Veenkoloniën en Westerwolde. Hij is emeritus hoogleraar Archeologie en Maatschappij aan de RUG.

21:35 discussie

22:00 sluiting

De herinrichting
In 1979 werd de Herinrichtingswet van kracht. Het gebied werd verreweg het grootste landinrichtingsgebied van Nederland, 130.000 ha. Aanleiding was de in die periode heersende malaise in dit gebied. Er waren grote problemen: grote werkloosheid, maar ook vervuiling van de kanalen door strokartonindustrie en Avebe. Het woon-en leefklimaat was slecht. Overheden en maatschappelijke organisaties gingen aan de slag en namen hun verantwoordelijkheid. Ook het gebied Westerwolde werd aangepakt. Daar is na felle discussies de inrichting van de landbouw sterk verbeterd. Tegelijk werd in dit gebied ook de nodige natuur aangelegd.
In de negentiger jaren kwam hier voor Westerwolde de inrichting van de Ecologische Hoofdstructuur nog bij. De Ruiten Aa werd heringericht en er werd bovenop de herinrichtingsplannen circa 2000 ha als natuur ingericht. Kortom een geweldige klus voor de bestuurders om hier de handen voor op elkaar te krijgen. Toch lukte de herinrichting, omdat daarmee tegelijk ook de landbouwstructuur sterk verbeterde en het leefmilieu er voor iedereen beter op werd. Schoon en voldoende water, goede infrastructuur, stads- en dorpsvernieuwing enz. Het gebied Westerwolde is hiermee een voorbeeld voor heel Nederland. Goede samenwerking en een dienende overheid zijn hier van groot belang geweest. Ook nu nog zijn goede samenwerking en inzet voorwaarden voor goede aanpak van het landelijk gebied. Laat plattelanders aan het woord.

Het archeologisch onderzoek
De oudste landbouwgeschiedenis van Westerwolde ligt nog verscholen in de beekdalen van de Ruiten Aa en haar zijtakken. Het zou even duren vooraleer dit ‘natte archief’ op de juiste waarde werd geschat, helaas nadat ruilverkavelingen en natuurontwikkeling reeds hun tol hadden geëist. Aan waarnemingen tijdens de uitvoering van de Herinrichting Oost-Groningen heeft het niet ontbroken, maar doelgericht onderzoek naar de agrarische ontwikkeling van deze geïsoleerde landstreek bleef achterwege. Niettemin ontstonden her en der venstertjes op het ongeschreven deel van Westerwoldes agrarische geschiedenis. Zo valt er iets te zeggen over de middeleeuwse bedrijfsvoering van zand-Westerwolde met zijn krap bemeten ruimte in relatie tot de kansrijke maar risicovolle veenontginningen in de schil eromheen.
De verschillen zijn niet slechts vanuit het fysisch milieu te verklaren. Het lijkt erop dat Westerwolde aan het einde van de middeleeuwen te maken heeft gekregen met een terugloop van het aantal boerenerven, oorzaak nog onopgehelderd. Wel moeten we er rekening mee houden dat de veelgeroemde kadastrale minuut van omstreeks 1830 niet per se het oude Westerwolde weergeeft. Die toont ons veeleer een relictlandschap, ontdaan van bossen, geplaagd door wateroverlast en met uitgedunde nederzettingen. Willen we Westerwoldes agrarische ontwikkeling beter begrijpen, dan moeten we ook naar Drenthe en het Emsland kijken. Flinke stappen zijn gezet in het Duits-Nederlandse project ‘De verdwenen Eems’ (2019-2026), een zoektocht naar de oorsprong en het regime van de Ruiten Aa. Tegen verwachting in is over de grens veel van de dalopvulling bewaard gebleven, terwijl aan Nederlandse zijde vooral het beekdal dat onder Dollardafzettingen verdween, prachtige onderzoekskansen biedt.